Ik weet mij behoort het beste van tijd en ruimte, en nooit
werd ik gemeten en nimmer zal ik gemeten worden.
Ik voeteer een altijddurende reis (komt, luistert allen!)
Mijn kenteekenen zijn een waterdichte mantel, sterke schoenen
en een boomtak tot staf,
Geen mijner vrienden kan zijn rust in mijn stoel nemen,
Ik heb geen stoel, geen