Genre Ranking
Get the APP HOT

Chapter 5 No.5

Van de eene boot op de andere.

Na het half-koude, half-warme maal, waaruit het ontbijt bestond-dat, tusschen twee haakjes gezegd, overheerlijk was-en in het eetsalon van de Columbia voorgediend werd, stegen miss Campbell en de gebroeders Melvill andermaal op het dek.

Helena kon een kreet van teleurstelling niet weerhouden, toen zij haar plaats op het halfdek weer ingenomen had.

?Waar is mijn zee-horizon?" vroeg zij.

Hare ooms moesten bekennen, dat die horizon er niet meer was. Sedert eenige minuten was hij verdwenen. De stoomboot, die noordelijk voorlag, stevende op dat oogenblik door de Straat van Kyles of van Bute.

?Dat is niet mooi, oom Sam!" sprak Miss Campbell met een lichten toon van verwijt in de stem en met een zweem van pruilen op de schoone lippen.

?Maar, mijn lief kind...."

?Dat zal ik niet licht vergeten, oom Sib!"

De twee broeders wisten geen antwoord te geven, en toch kon men hun de schuld niet geven, dat de Columbia, na haren koers gewijzigd te hebben, verder noordwaarts stevende.

Er bestaan inderdaad twee wegen, of beter twee vaarwaters, die nog al sterk uiteenloopen, om over zee van Glasgow naar Oban te geraken.

?Een sloep!" riep hij uit. (bladz. 43.)

De een-die door de Columbia niet ingeslagen was-is de langste. Die voert langs Bothesay, de hoofdplaats van het eiland Bute, welke natuurlijk aangedaan wordt. Dat stadje wordt beheerscht door een oud kasteel, dat uit de elfde eeuw dagteekent, en is in het westen omgeven door hooge glens, die haar haven tegen de stormwinden uit volle zee dekken. Van Rothesay kan de stoomboot verder de Clyde-baai afzakken, vervolgens de wester kuststreek van het Bute-eiland langs stevenen, groot en klein Cumbray in het gezicht loopen en verder in die richting voortstoomen, totdat de meest zuidelijke punt van het eiland Arran bereikt is. Dat eiland behoort in zijn geheel, van zijn grondvesten van rotslagen tot op den top van den Goatfell, die zich op nagenoeg achthonderd meter boven de oppervlakte der zee verheft, aan den hertog van Hamilton. Bij die zuidpunt gekomen, legt de roerganger zijn roer te boord, totdat de weststreek van het kompas met de zeilstreek overeenkomt, waardoor het eiland Arran gerond wordt. Men stevent verder rond om den grooten vinger van het schiereiland Cantyre, om langs de westkust daarvan op te stoomen, waarna men in de Gigha-engte komt, die het smalste gedeelte uitmaakt van de Sond-straat, die tusschen de eilanden Islay en Jura doorvoert, waarna men in het meest opene gedeelte, van de Forth- of Lorn-baai geraakt, welker teruggetrokken hoek zich een weinig boven Oban sluit.

Goed gerekend, wanneer miss Campbell eenige reden tot pruilen had, dan zouden de beide ooms toch ook reden hebben om te betreuren, dat die weg niet was ingeslagen. Wanneer men toch die kuststreek van het eiland Islay gevolgd had, dan zouden zij met eigen oogen gezien hebben de verblijfplaats der Mac Donalds, die, in het begin der zeventiende eeuw overwonnen en verjaagd, de plaats moesten ruimen voor de Campbells. Bij het gezicht van de plaats, waar die historische feiten voorgevallen waren, die de beide broeders van nabij betroffen, zouden zij niet alleen hun hart hebben voelen kloppen, maar ook Juffrouw Bess en Partridge zouden hunne aandoening niet meester gebleven zijn.

En wat miss Campbell betrof, voor haar oogen zou die zoo zeer betreurde gezichteinder zich gedurende veel langer tijd uitgestrekt hebben. Want inderdaad, van de punt van de Arran tot aan het voorgebergte van Cantyre heeft men de volle zee in het zuiden en van die punt van Cantyre tot aan het uiteinde van Islay heeft men de volle zee in het westen, dat wil zeggen die vloeibare onmetelijkheid, die slechts op een afstand van ruim drie duizend mijl door het Amerikaansch vasteland begrensd wordt.

Maar die weg is, zooals gezegd werd, de langste; hij is ook de meest moeitevolle en niet van gevaren ontbloot. Men heeft met dat slag van toeristen rekening moeten houden, die afgeschrikt worden door de gebeurlijkheden van een overtocht soms bij ruw weer, wanneer de zee veelal hol staat in die streken der Hebriden.

De ingenieurs hebben dan ook, in navolging van de Lesseps de gedachte geopperd en uitgevoerd, om van dat schiereiland Cantyre een eiland te maken. Onder hunne leiding werd het kanaal van Crinan in het noordelijkste gedeelte van het schiereiland gegraven. Daardoor wordt de reis minstens tweehonderd mijl bekort, en een vaartuig heeft slechts drie of vier uur noodig om het door te stevenen.

Door dien weg zou de Columbia tusschen al die inhammen en zee?ngten, met geen ander uitzicht dan kale stranden, dan bergen en wouden, den overtocht van Glasgow naar Oban be?indigen. Van al de passagiers aan boord was miss Campbell zeer waarschijnlijk de eenige die de niet gevolgde reisroute betreurde, maar zij moest wel in het onvermijdelijke berusten. Daarenboven zou zij dien zee-gezichteinder niet weervinden, wanneer men eenige uren later het kanaal van Crinan zou verlaten hebben, nog lang voordat de zon de kim met haar schijf zou aanraken?

Terzelfder tijd, toen de naplakkers aan tafel de eetzaal verlieten om zich op het dek te begeven, stoomde de Columbia het kleine eiland Elbangreig voorbij, hetwelk aan den ingang van Loch Ridden gelegen is. Op dat eilandje bestaat een versterkte plaats, die tot laatste schuiloord strekte aan den hertog van Argyle, toen die held, ten onder gebracht in den strijd voor de staatkundige en godsdienstige onafhankelijkheid van Schotland naar Edinburg gebracht werd, om daar het leven onder de valbijl zijns vaderlands te laten.

Toen stevende de stoomboot zuidwaarts, alsof zij op haar schreden wilde terugkeeren, volvoerde den doortocht door de zee?ngte van Bute, te midden van dat bewonderenswaardige panorama van eilanden, die òf kaal en onvruchtbaar, òf met zwaar bosch bedekt waren, en welker scherpe en woeste omtrekken door een lichten nevel verzacht waren. Eindelijk na de kaap Ardlamont gerond te hebben, werd de noordwaartsche richting hernomen door Loch Fyne waarbij het dorp East-Farbert op de kust van Cantyre gelegen, ter linkerzijde gelaten werd. Vervolgens werd Kaap Ardrishaig voorbijgestoomd, en zoo het gehucht Lochgilphead bereikt, waar zich de monding van het kanaal Crinan bevindt.

Daar moesten de reizigers de Columbia verlaten, omdat zij van te groot charter was voor de vaart op het kanaal. Door dien doorsteek, die een sterk waterverval heeft, waardoor niet minder dan vijftien sluizen benoodigd zijn op haar lengte van slechts negen mijl, kunnen slechts smalle vaartuigen van weinig diepgang varen.

De kleine stoomboot the Linnet wachtte de passagiers van de Columbia. De overscheping had in weinige oogenblikken plaats. Ieder zocht een goed plekje op het halfdek, waarop men evenwel zeer opeengedrongen zat. Daarna stoomde the Linnet met spoed tusschen de kanaaloevers voort, terwijl een ?bagpiper", een doedelzakartist, in het nationaal kostuum gekleed, zijn bevreemdend instrument liet weerklinken. Niets weemoediger dan die vreemdsoortige muziek, welker ontwikkeling slechts de uitgestrektheid van een octaaf bereikt en waarbij de gevoelsnoot ontbreekt even als in de deuntjes uit den tijd der vervlogen eeuwen.

Het is een bevallige vaart op dit kanaal, dat nu eens tusschen hooge oevers is uitgegraven, dan eens langs de hellingen van een met heideplanten begroeiden heuvel voert, waaraan het als vastgehaakt schijnt; dat hier een uitgestrekt vlak bouwland doorsnijdt, om elders weer tusschen de zware muren van de schutkolken besloten te worden. In het sas is er telkenmale oponthoud. Terwijl de sluiswachters zich haasten om het vaartuig te schutten, komen jonge lieden, jonge meisjes en kinderen de reizigers met beleefden groet versch gewonnen melk aanbieden, en babbelen daarbij de ga?lische volkstaal, die door de Kelten vroeger algemeen gebruikt werd, en meestal onverstaanbaar is, zelfs voor Engelsche ooren.

Zes uren later-er had oponthoud plaats gehad bij een sluis, welker deuren slecht sloten-waren de gehuchten en de pachthoeven van dit wel wat droefgeestig land, alsook de uitgestrekte moerassen van de Add, die op den rechteroever van het kanaal, aangetroffen werden, voorbij gestevend. The Linnet stopte een oogenblik later bij het dorp Ballanoch. Daar had een tweede overscheping plaats en werden de passagiers van de Columbia de passagiers van de Glengarry. Die boot stevende noordwestwaarts, om de baai van Crinan uittestoomen en de punt te ronden, waarop zich het oude feodale kasteel van Duntroon Castle verheft.

Sedert men het eiland Bute voorbijgestevend was, alwaar men er een stukje van had kunnen snappen, was geen zee-gezichteinder meer te zien geweest.

Men kan begrijpen welk ongeduld miss Campbell bezielde. Op die wateren, wier gezichtskring overal begrensd was, kon zij zich verbeelden ten volle in Schotland te zijn, in de meerstreken, te midden van het land van Rob Roy. Overal werden schilderachtige eilanden aangetroffen, met hunne zachte afrondingen en begroeid met berke- en beukeboomen.

Eindelijk stevende de Glengarry de noorder punt van het eiland Jura om, en toen vertoonde zich de zee tusschen dit punt en het eilandje Scarba, dat er als afgescheurd is in al haar uitgestrektheid, tot waar de hemel de waterlijn schijnt te ontmoeten.

?Daar is ze! waarde Helena!" riep broeder Sam, terwijl hij de hand naar het westen uitstrekte.

?Het was waarachtig onze schuld niet," vervolgde broeder Sib, ?dat die verwenschte eilanden, die de oude Nick hale! ze voor uwe oogen verborgen."

?Vergiffenis zij u geschonken, waarde oompjes," antwoordde miss Campbell met een bekoorlijken glimlach. ?Maar... dat het niet weer gebeure!"

?Oh! mijn ouwe zeeman." (bladz. 48).

Previous
            
Next
            
Download Book

COPYRIGHT(©) 2022