Toen de expeditie zich voldoende ververscht had, was de nacht gedaald. De sterren schenen zoo helder als zij maar konden, en een steeds grooter wordende bleekheid in de richting van Hankey kondigde de maan aan. Nog steeds werd er wacht gehouden bij de rattenholen, doch de wakers hadden van plaats verwisseld en hadden post gevat op de heuvelhelling