Even vóór acht uur stond ik zenuwachtig-wachtend in Delmonico's ontvang-salonnetje. Over den rooden looper van den marmeren gang passeerden af en toe heeren in rok en witte das en gedecolleteerde dames in ruischende sleepjaponnen, die glinsterden van sieraden en juweelen. Zij verdwenen in de groote restauratie-zaal en telkens golfde van daaruit een